Hersentumor

Doneer nu!

Onderdelen van behandeling

De behandeling van een kinderhersentumor volgt zo mogelijk (inter)nationale afspraken, waarbij in Nederland binnen de SKION (Stichting Kinderoncologie Nederland) diverse (multidisciplinaire) commissies werken, waarin specialisten uit de diverse kinderoncologische centra actief zijn.

De meest gebruikte behandelingen bij hersentumoren bij kinderen zijn een operatie, bestraling en chemotherapie. De behandeling van een hersentumor bij kinderen bestaat uit één of meerdere van deze drie verschillende onderdelen. Een operatie wordt uitgevoerd door een neurochirurg. Indien bestraling nodig is wordt dit door de radiotherapeut uitgevoerd. Chemotherapie, medicijnen die de celdeling remmen, wordt voorgeschreven door de kinderoncoloog.

De volgorde waarin deze drie soorten behandelingen worden toegepast verschilt bij de diverse typen hersentumoren. Bij een klein deel van de hersentumoren bij kinderen wordt een periode afgewacht voordat een behandeling van start gaat.

Radiotherapie

Radiotherapie

Na operatieve verwijdering van de tumor kan soms een rest van de tumor achterblijven. Het kan zelfs zo weinig zijn dat het niet zichtbaar is op de MRI.  Bij hooggradige tumoren is nabehandeling noodzakelijk, waarbij meestal radiotherapie wordt gebruikt.

Soms wordt radiotherapie op de tumor uitgevoerd zonder dat er vooraf een operatie mogelijk was, zoals bijvoorbeeld bij een hersenstamglioom.

Als voorbereiding op de bestraling wordt meestal een masker gemaakt zodat een kind niet met het hoofd beweegt tijdens de bestraling. Vaak wordt een CT-scan gemaakt om het bestralingsgebied precies te bepalen. Het aantal bestralingen hangt af van het type hersentumor, en kan wisselen van een enkele bestraling tot een kuur van 5 tot 7 weken met iedere werkdag een bestraling van 10-15 minuten per bestraling. Bij jonge en beweeglijke kinderen is het soms nodig om bij de bestralingen een korte narcose te geven.

Lokale radiotherapie is straling die het tumorgebied en het omringende weefsel bestraalt.

Sommige tumoren  waaronder het medulloblastoom neigen tot verspreiding van de losse tumorcellen door het centraal zenuwstelsel. Dan is het noodzakelijk om niet alleen de plaats van de tumor te bestralen maar ook het gehele centrale zenuwstelsel, zogenaamde craniospinale radiotherapie.

Stereotactische radiotherapie is een mogelijkheid om een zeer klein resterend stukje tumorweefsel met een hoge dosis heel exact te bestralen. De laatste jaren wordt een klein deel van de kinderen ook voor protonenstraling verwezen naar het buitenland, omdat de late gevolgen van dergelijk bestraling mogelijk minder zijn. De afweging voor een dergelijke keuze wordt gemaakt aan de hand van berekeningen van de radiotherapeut.

Bijwerkingen van bestraling

Tijdens de bestraling kunnen klachten optreden. Vermoeidheid of algemene malaise kunnen een rol spelen. Misselijkheid komt soms voor, waarvoor medicijnen beschikbaar zijn. Die klachten kunnen ook verminderen met het medicijn dexamethason. De huid is extra gevoelig voor zonlicht, zodat het dragen van een pet / hoofddeksel verstandig en het gebruik van  een zonnebrandcrème met een hoge beschermingsfactor aan te raden is. Bij veel kinderen lukt het toch om een deel van de dag gewone dagelijkse dingen te doen en gedeeltelijk ook naar school te gaan naast de bestraling. Als een groot deel van de hersenen wordt bestraald kan na ongeveer vier tot zes weken een soort griepachtige periode ontstaan, met koorts, slaperigheid en/of hoofdpijn, die spontaan weer over gaat.

Haaruitval treedt vrijwel altijd op na bestraling van een hersentumor. Alleen het haar van de bestraalde hoofdhuid valt uit. De uitval begint niet meteen en neemt meerdere weken in beslag. Bij het kammen of borstelen zal te merken zijn dat eerst haren en later plukken zullen meekomen. Indien de bestraling wordt beperkt tot de tumor zal de haaruitval alleen plaatselijk optreden. Als het hele hoofd wordt bestraald zal al het haar op het hoofd uitvallen. Bij veel bestraalde kinderen komt het haar terug. Soms kan dit lang duren en zelden is de haargroei zo dicht opeen als voorheen.

Late gevolgen van bestraling

Jonge kinderen zijn gevoeliger voor de late effecten van de bestraling, onder andere wat betreft de hormonale functie en het denkvermogen. Bestraling wordt daarom zoveel mogelijk achterwege gelaten in de eerste levensjaren.

Palliatieve radiotherapie kan soms kortdurend worden uitgevoerd als genezing niet meer mogelijk is. Bij een groot deel van de kinderen kan dit klachten van de tumor tijdelijk doen verminderen.